<div style='color: #000;'>Voor vragen over uw voedselpakket </div><div style='color: #d9782d;'>06 - 24 21 43 19</div> <div style='color: #000;'>Hellevoetsluis... </div><div style='color: #d9782d;'>Vestingstad aan </div><div style='color: #d9782d;'>het Haringvliet</div> <div style='color: #000;'>Uw financiŽle bijdrage </div><div style='color: #d9782d;'>is voor ons</div><div style='color: #d9782d;'>GOUD waard!</div> <div style='color: #000;'>Meer weten over geld geven?</div><div style='color: #d9782d;'>Zie tabblad 'donaties'</div> <div style='color: #000;'>Na de Intake </div><div style='color: #d9782d;'>is dit het adres</div><div style='color: #d9782d;'>voor uw </div><div style='color: #d9782d;'>boodschappen.</div> <div style='color: #000;'>Kijk voor het juiste mailadres</div><div style='color: #d9782d;'>bij 'over ons' en 'bestuur'</div> <a href='http://voedselbankennederland.nl/nl/voedselveiligheid.html'><div style='color: #000;'>Voedselveiligheid</div><div style='color: #d9782d;'>speerpunt</div><div style='color: #d9782d;'>in strategie</div></a> <div style='color: #000;'>Minder dan 0,5 % van verspild voedsel</div><div style='color: #d9782d;'>bereikt ons</div> <a href='http://voedselbankennederland.nl/nl/ideale-boodschappenlijst.html'><div style='color: #000;'>Verse groenten erg gewild</div><div style='color: #d9782d;'>bij de voedselbanken</div></a> <a href='http://voedselbankennederland.nl/nl/vrijwilliger-worden.html'><div style='color: #000;'>Ruim 60 vrijwilligers zijn actief </div><div style='color: #d9782d;'>bij ons betrokken</div></a> <a href='http://voedselbankennederland.nl/nl/ambassadeurs.html'><div style='color: #000;'>Postcode Loterij steunt </div><div style='color: #d9782d;'>de voedselbanken</div></a>

‘Kan ik een voedselpakket krijgen?’

1.   Algemeen 
Bij het bepalen of u een voedselpakket krijgt is moet u dit weten: 
Onze hulp is noodhulp. De voedselpakketten delen we wekelijks uit. Ze zijn niet genoeg voor een hele week eten.

Wij willen dat u professionele hulp zoekt. Soms hebt u deze hulp nog niet gezocht, omdat de problemen u te veel zijn. U hebt eerst rust nodig. Klop ook bij ons aan voor een voedselpakket als u nog geen hulp heeft.

We vragen u wel, dat u na een tijdje hulp zoekt voor uw financiële probleem. We noemen dat: “Geen pakket zonder traject.”

Bij het berekenen van wat uw huishouden (u en thuiswonende gezinsleden) uitgeeft, gaan wij uit van de bedragen die het Nibud aangeeft. Dit zijn normbedragen: deze uitgaven zijn voor iedereen ongeveer hetzelfde. Daarnaast is er een aantal wekelijkse, maandelijkse, kwartaal of zelfs jaarlijkse rekeningen, waarvan we willen weten wat u hier echt voor betaalt. Veel dingen zijn duurder geworden vanaf 1 januari 2019 door de btw-verhoging (van 6% naar 9%). Daar houden we rekening mee.

2.   Hoe berekenen we of u een voedselpakket krijgt
Om te bepalen of u (en uw gezin) een wekelijks voedselpakket krijgt, gaan wij uit van de bedragen van het Nibud: wat moet u minimaal uitgeven aan dingen waar u niet zonder kunt? Denk aan voedsel, kleding en wonen. Ook verplichte kosten van verzekeringen, ziektekosten en persoonlijke verzorging tellen wij mee. Omdat een voedselpakket noodhulp is, kijken we welke kosten u nog meer hebt om te kunnen wonen en leven. 

Het Nibud noemt deze uitgaven:

Vaste lasten: huur, verzekeringen, energie, telefoon/televisie/internet. Het Nibud houdt normbedragen aan, maar wij berekenen de werkelijke kosten. Alleen bij uitgaven voor telefoon/televisie/internet gaan we uit van de normbedragen.

Reserveringsuitgaven: kleding/schoenen, spullen voor in huis, onderhoud huis/tuin en niet-vergoede ziektekosten (het eigen risico en een normbedrag voor de eigen bijdrage). Degene die het intakegesprek met u heeft bepaalt welke ziektekosten meetellen.

De kosten voor kleding van kinderen betaalt u van de kinderbijslag. Kleding van volwassenen gaat langer mee, omdat zij niet groeien. Wij gaan ervanuit, dat uw kleding langer meegaat dan 1 jaar en u geen kleding koopt. Bij een noodsituatie nemen we kosten voor kleding toch mee.

Huishoudelijke uitgaven; was- en schoonmaakmiddelen en persoonlijke verzorging, zoals shampoo en deodorant.

Het basis normbedrag per huishouden is € 135.
Per persoon is dit € 95.

De nieuwe normbedragen per maand per gezin worden (dit zijn voorbeelden): 

  • 1 persoon                                € 230 
  • 2 volwassenen                        € 325 
  • 1 volwassene en 1 kind          € 325 
  • 1 volwassene en 2 kinderen   € 420 
  • 2 volwassenen en 2 kinderen € 515 
  • 1 volwassene en 3 kinderen   € 515

Per huishouden krijgt u 1 voedselpakket. De grootte van het voedselpakket hangt af van het aantal gezinsleden dat op uw adres wonen.

Kosten die jaarlijks, per kwartaal of wekelijks terugkomen worden omgerekend in maandbedragen: 
Wekelijkse bedragen         bedrag x 4,3333 
4-wekelijkse bedragen       bedrag x 1,0833 
Kwartaalbedragen             bedrag : 3 
Jaarbedragen                    bedrag : 12 

In de bijlage bij deze toekenningscriteria leggen we uit hoe we uw inkomen en uitgaven berekenen. 

Wat blijft er over?
Het normbedrag voor een voedselpakket = alle inkomsten – wat u betaalt. Met dit normbedrag moet u uw boodschappen kunnen doen voor uw gezin.
 
3.   Inkomsten 
Alle inkomsten = netto salaris of uitkering, toeslagen, de voorlopige teruggave Inkomstenbelasting van u, uw partner en volwassenen die op uw adres wonen.

Wij gaan ervanuit, dat inwonende (volwassen) kinderen met een eigen inkomen of uitkering kostgeld betalen. Wij berekenen standaard € 200,- kostgeld per maand, ook als dit anders is in uw gezin.  Dit geldt ook voor een inwonende vader en moeder, broer en zus of volwassen stief- of pleegkinderen. Ook voor hen berekenen wij standaard € 200 per persoon per maand. De precieze hoogte bepaalt de degene die het intakegesprek met u doet. 

De volgende inkomsten rekenen wij niet mee:
Inkomsten zoals langdurigheidstoeslag, bijzondere bijstand en kleine inkomsten uit een hobby.
Neveninkomsten van kinderen zoals een krantenwijk of bijbaantje.
Vakantietoeslag.
Kinderbijslag.
Studiefinanciering inwonende kinderen.
Persoonsgebonden budget (pgb). De kosten die u hieruit betaalt, rekenen wij niet mee.

4.   Uitgaven 
Bij de uitgaven berekenen we alleen de kosten van de personen die zelf verdienen of een uitkering hebben. Kosten die u bijvoorbeeld vanuit de kinderbijslag of persoonsgebonden budget betaalt tellen niet mee. 

De meest voorkomende zaken die bijna alle uitgaven afdekken zijn: 
Huur, de werkelijke kosten.
Rente en aflossing hypotheek, de bedragen die staan op uw bankafschriften.
Energie en water, de bedragen die staan op uw bankafschriften.
Premies van uw: 

  • Zorgverzekering (de basis- en aanvullende verzekering), de bedragen die staan op uw bankafschriften. 
  • Overige verzekeringen (zoals uw inboedel-, WA- en begrafenisverzekering). 
    We berekenen de echt betaalde bedragen tot maximaal € 181 per maand per volwassene. Hierbij houden we er rekening mee dat u maximaal € 8 meer betaalt voor uw zorgverzekering in 2020.

Niet-vergoede ziektekosten, zoals eigen risico en eigen bijdrage voor o.a. zorgmiddelen tot maximaal € 38 per maand per volwassene. Degene die het intakegesprek met u doet beoordeelt of de eigen bijdrage voor uw medicijnen meetelt.
Telefoon, tv en Internet (werkelijke kosten tot maximaal € 55 per maand + € 4 per gezinslid vanaf 12 jaar. Is een databundel noodzakelijk en kunt u dit aantonen, dan is het normbedrag € 10).
Gemeentelijke belastingen (voor zover die daadwerkelijk worden betaald).
Persoonlijke verzorging: € 31 per maand en € 19 per extra gezinslid.
Was- en schoonmaakmiddelen: € 6 per maand (dit is een normbedrag).
Beperkt vervoer met het openbaar vervoer: € 28 per maand en € 18 per extra gezinslid. Op basis van fiets en zeer beperkt reizen met openbaar vervoer.
Belastingen Waterschap (als u die daadwerkelijk betaalt).
Kosten noodzakelijk kinderopvang. Hier wordt het bedrag van de kinderopvangtoeslag van afgetrokken.
Aflossing van schulden (schulden aan familieleden rekenen we in principe niet mee. Staat de schuld op papier en kunt u de betalingen laten zien via uw bankafschriften, dan telt de schuld wel mee).
Kosten voor onderwijs (als u die daadwerkelijk betaalt), waarvoor geen voorzieningen zijn. Overige uitgaven moet u heel precies opgeven.
 
Deze uitgaven tellen niet mee: 
Autokosten: alleen in heel bijzondere situaties en wanneer u de betalingen kunt laten zien. In dat geval berekenen we € 0,19 per kilometer. 
Kosten van huisdieren: het eten en dergelijke van huisdieren rekenen we niet mee. De kosten van een hulp- of blindengeleidehond tellen wel mee.
Premie voor spaar-, pensioen- of overlijdensrisicoverzekering met een spaardeel. Een spaarhypotheek op uw woning telt wel mee.  

5.   Hardheidsclausule 
Als door deze regels uw problemen groter worden, dan kan de intaker van de voedselbank afwijken van deze regels. De intaker moet dit wel goed kunnen uitleggen aan de voedselbank. 

++++++++++++++++
 

Bijlage 1

Toelichting bij de Toekenningscriteria per 1 januari 2020

1. Algemeen.

Vertrouwen versus wantrouwen.

Uit ervaring bij voedselbanken en ons project “Onder de radar” weten we, dat het aantal potentiële klanten voor de voedselbank veel hoger zou kunnen zijn dan het in werkelijkheid is. Naast onder andere schaamte en onbekendheid zou een belangrijke reden kunnen zijn, dat men opnieuw geconfronteerd wordt met bureaucratie. Het is voor mensen vaak een heel moeilijk besluit om de stap naar de voedselbank te zetten. Het is daarom van het grootste belang, dat er geen drempels worden ervaren. Waar men bij sommige hulpverlenende instanties nogal eens het gevoel krijgt met wantrouwen benaderd te worden, zou dit bij voedselbanken volstrekt niet aan de orde moeten zijn. We accepteren liever, dat er ook klanten zullen zijn die eigenlijk niet in aanmerking komen, dan dat mensen die wel in aanmerking komen zich niet durven te melden. Of nog anders gezegd: een ruimhartig toelatingsbeleid prevaleert boven een starre toepassing van de criteria. Een mogelijke invulling hiervan is de klant in eerste instantie direct te helpen en pas na een periode van 1 à 3 maanden de volledige intake te doen.
Stel de klant op de hoogte van het privacy-beleid van de voedselbank.

2. Inkomsten en uitgaven.

Kindgebonden budget: 
Er is meer differentiatie gekomen in het kindgebonden budget. Dit is in een aantal gevallen andere toeslagen gaan vervangen en moet dus bij de inkomsten opgeteld worden.

Individuele inkomenstoeslag:
Deze toeslag is een jaarlijkse toeslag voor mensen met een langdurig minimum inkomen en zonder arbeidsperspectief. Deze toeslag wordt door de gemeente toegekend en moet ieder jaar opnieuw worden aangevraagd. Toeslag is per gemeente verschillend. Tijdstip van uitkering is niet bekend. Deze toeslag wordt beschouwd als een extraatje voor de meest kwetsbare groep en wordt daarom niet meegerekend als inkomen.

Kinderopvangtoeslag
Klanten die niet werken en niet reïntegreren naar hun werk, komen niet in aanmerking voor kinderopvangtoeslag. In het belang van het kind of de klant kan dan met een Sociaal Medische Indicatie (SMI) een tegemoetkoming worden verkregen in de kosten van de kinderopvang. In een dergelijk geval moeten zowel de inkomsten als uitgaven worden meegerekend.

Premie zorgverzekeringswet:
Als een kind 18 jaar wordt, moet hij/zij zelf premie betalen voor de zorgverzekering. Het kind kan echter meeverzekerd blijven op de polis van één van de ouders. Als het kind verdient of inkomsten heeft uit studiefinanciering, mag worden aangenomen dat het kind zelf de premie betaalt, zeker gezien de financiële situatie waarin de ouders verkeren. De premie zorgverzekering wordt daarom niet gezien als uitgave. NB: het kind boven 18 jaar heeft ook recht op zorgtoeslag.

3. Schuldhulpverlening

Ook bij schuldhulpverlening wordt bij het leefgeld gekeken naar de inkomsten en uitgaven, zoals dat bij ook bij andere klanten gebeurt.

Er zijn gevallen bekend dat bewindvoerders een bedrag reserveren om daarmee het leefgeld te kunnen verlagen, zodat de klant in aanmerking komt voor voedselhulp. Deze reserveringen (spaargeld) hebben (nog) geen bepaalde bestemming. Het is lastig het bestaan van deze reserveringen te controleren. Controle van zowel de rekening- courant van de klant, als van de “beheerrekening” bij de bewindvoerder is gewenst. In de praktijk is een reservering tot €750 voor een alleenstaande en tot €1500 voor een gezin acceptabel.

Om hier inzicht in te krijgen bij de bewindvoerder kan het Budgetplan worden opgevraagd.  Bewindvoerders doen hier soms moeilijk over, maar dan kan gelden: geen inzage, geen ondersteuning door de voedselbank.  Om een goede beoordeling te kunnen maken van de verstrekking van leefgeld door een bewindvoerder dienen bij iedere controle de volgende stukken te worden overlegd door een bewindvoerder: 
               1. Het schuldenoverzicht;
               2. De beheerrekening;
               3. De leefgeldrekening en
               4. Het budgetplan.

NB Kosten voor beschermingsbewindvoering worden door de gemeente vergoed (verplicht WWB, maar afhankelijk van gemeentelijke normering). Vrijwillige bewindvoering en budgetbeheer worden door de klant zelf betaald.   

4. Geen pakket zonder traject.

“Geen pakket zonder traject” moet geen voorwaarde zijn voor (eerste) acceptatie door de voedselbank. De hulp van de voedselbank is tijdelijk, bedoeld om een moeilijke financiële situatie te overbruggen. Tegen die achtergrond is het niet van primair belang dat bij de aanmelding ook al meteen professionele hulp wordt gezocht. Geef waar nodig mensen even de ruimte om op adem te komen. Het advies is om bij de eerste (her-)controle (niet later dan 3 maanden na aanvang) het onderwerp van het vinden van een oplossing aan de orde te stellen. Voedselbanken hebben de zorgplicht de klant in contact te brengen met de hulpverlening.

5. De maximale periode voor het gebruik van de VB is 3 jaar. 

Zoals het Voedselbankreglement aangeeft ontvangen onze klanten de voedselhulp gedurende maximaal 3 jaar. De leden bepalen zelf of zij daarna doorgaan met voedsel geven. Klanten van de VB moeten zelf meewerken aan de oplossing van hun problemen en gebruik maken van de regelingen die hen uit de financiële problematiek kunnen helpen. Als een klant ondanks alle inzet en goede wil na 3 jaar nog aan onze toekenningscriteria voldoet, is het advies voedselhulp te blijven geven.

In deze individuele gevallen heeft maatwerk (verlenging van de termijn) de sterke voorkeur. Hierna volgt een aantal mogelijke situaties waarbij van de 3-jaarstermijn zou kunnen worden afgeweken:
- betalingsregelingen, 
- huis dat niet verkocht kan worden, 
- 10-jaarstermijn voor mensen die zonder schone lei uit het WSNP-traject zijn gekomen en nu moeten wachten tot de termijn verstreken is, 
- stabilisatie van de financiële situatie die niet lukt voor een schuldhulptraject, maar wel nodig is om in een schuldhulptraject te komen,
- nieuwe schulden die in een WSNP-traject betaald moeten worden van VTLB (vrij te laten bedrag), maar die middels een betalingsregeling worden opgelost,
- er is een categorie waarbij geen sprake is van onwil om uit te stromen bij de voedselbank, maar die onmogelijk kan uitstromen. Denk daarbij aan chronisch zieken of mensen (meestal alleenstaanden) die te maken hebben met veel hoge vaste lasten voor huur, energie en ziektekostenverzekering waardoor ze onder de norm van de voedselbank blijven,
- in toenemende mate is dit ook het geval bij klanten in de AOW-leeftijd, die meestal niet in staat zijn om hun inkomenssituatie te verbeteren,
- het kan voorkomen dat gezinnen met kinderen, zolang de kinderen geen 18 jaar zijn, blijven voldoen aan de VB-norm.

 6. De “Voedselbank-val”

Er is een groep mensen, dikwijls ex-klanten, die net boven onze leefgeldnorm zitten, maar voor wie het ook erg moeilijk is om rond te komen. Bekend voorbeeld: een voedselbankklant die bij hercontrole net boven de grens komt. Dan is sprake van de voedselbank-val: net bóven onze norm betekent immers beduidend minder leefgeld dan net ónder onze norm plus de waarde van ons wekelijks voedselpakket! En wat voor ex-klanten geldt, kan ook voor nieuwe klanten gelden die net boven de norm zitten.

Hoe strak hanteren we de criteria voor deze groep? De praktijk bij voedselbanken is divers. Sommige voedselbanken werken met een half pakket voor deze categorie of doen het op een andere manier. Het idee om een vorm van staffeling van onze leefgeldcriteria in te voeren is sympathiek, maar zal bijvoorbeeld voor met name de voedselbanken met meerdere uitgiftepunten die op dezelfde dag uitdelen heel lastig te organiseren zijn. 

Richtlijn om te handelen:
1. Voedselbanken die het goed kunnen organiseren: laten zij vooral proberen de  effecten van de voedselbank-val te verzachten.
2. Voor voedselbanken waarvoor de organisatie moeilijk is: kijk hoe je om wilt gaan met het “grijze gebied”. Bijvoorbeeld door gezinnen met kinderen meer ruimte te geven dan een alleenstaande. 
3. Als maximum voor het grijze gebied is het advies een bandbreedte van 10% voor alleenstaanden tot 20% voor gezinnen met kinderen aan te houden. NB. Het verder ophogen van de bandbreedte brengt het risico met zich dat de noodhulp verandert in structurele hulp.

7. Hulp aan vluchtelingen en illegalen

Het uitgangspunt bij dit onderwerp is: honger = honger en in die situatie helpen we!

Het advies is om hiermee als volgt om te gaan:
1. Statushouders worden in afwachting van toeslagbetalingen toegelaten als klant; is vaak maar voor enkele maanden.
2. Illegalen ontvangen in principe geen voedselpakket. Deze groep kan, met name in de grote steden, veelal gebruik maken van de bed-/bad- en broodregelingen. Verder zijn er vaak andere voorzieningen waar gebruik van kan worden gemaakt. Doorverwijzing naar het Leger des Heils en Vluchtelingenwerk Nederland ligt vaak meer voor de hand. In overleg met deze organisaties kan dan worden aangegeven in hoeverre ondersteuning door voedselbanken noodzakelijk is. Uitzondering: als kinderen een status hebben en hun ouders niet, is overleg  gewenst met de hulpverlenende instantie.

8. De hardheidsclausule

Om een goede invulling te kunnen geven aan een herbeoordeling van een aanvraag, is het wenselijk dit door iemand van de voedselbank die (eind)verantwoordelijk is voor de intake te laten doen. Uitbesteding van de intake is in veel gevallen praktisch en dikwijls ook professioneel, maar soms ongeschikt voor klanten die overigens geen contact met instanties hoeven/wensen te hebben. Het verdient aanbeveling voor hen een mogelijkheid tot intake bij de voedselbank zelf te bieden.

                                                                      **************

Wanneer u denkt in aanmerking te komen voor een voedselpakket, dan kunt u zich aanmelden bij aanvragen@hellevoetsluis.voedselbankennederland.nl of een verzoek doen bij één van de bovengenoemde organisaties.